Canon van Zuid-Holland
De droogmaking van de Zuidplas
1839In de 19e eeuw kwamen in Zuid-Holland veertig droogmakerijen tot stand. Het ging zonder uitzondering om verveningsplassen. Eén van die plassen was de ten westen van Gouda gelegen Zuidplas. Deze enorm grote en diepe plas was ontstaan doordat men hier het veen eeuwenlang in lagen had afgestoken om er turf van te maken. In 1816 toonde koning Willem I zich bereid om de droogmaking van de plas te financieren, waarmee de Zuidplaspolder de eerste 'staatspolder' werd. In de jaren twintig van de 19e eeuw begon men er met de aanleg van ringdijken en de bouw van dertig molens. In een later stadium van de drooglegging werd ook van twee stoomgemalen gebruik gemaakt. Eind 1839 was de enorme Zuidplas droog en werd de polder als landbouwgrond in gebruik genomen. Later verrezen er kassen, industrieterreinen en nieuwbouwwijken. Het in Nieuwerkerk gelegen laagste punt van de polder is met 6,76 centimeter onder NAP tevens het laagste punt van Nederland. De ervaringen met de Zuidplas kwamen goed van pas bij de droogmaking van de vier keer zo grote en gedeeltelijk in het latere Zuid-Holland gelegen Haarlemmermeer, waartoe in 1837 werd besloten. In 1852 viel deze polder droog.In 2010 werd Zuidplas de naam van de nieuwe gemeente, gevormd uit Moordrecht, Nieuwerkerk aan den IJssel en Zevenhuizen-Moerkapelle. Enerzijds omvatten de gemeenten Waddinxveen en Gouda ook delen van de voormalige Zuidplas(polder) en anderszijds omvat de nieuwe gemeente vooral andere polders, deel ook droogmakerijen.






































.jpg)




.jpg)





