Canon van Zuid-Holland
De Opstand
Belangrijke momenten tussen 1572 en 1584
De Opstand tegen de Spaanse koning Filips II was een zaak van de
hele latere Republiek, maar uiterst belangrijke momenten daarin
speelden zich in het gebied van het huidige Zuid-Holland
af.
Een daarvan was de bevrijding van Den Briel
(Brielle) door de Watergeuzen. Op 1 april 1572 namen zij deze
havenstad in. Het werd een keerpunt in de strijd tegen de
Spanjaarden. Tegelijkertijd zorgden de watergeuzen met hun
plundertochten voor veel onrust in Holland, want ondanks hun
heldendaden, bleef het een tamelijk ongeregelde groep
opstandelingen.
Bij de verovering van Gorinchem op 9 juli 1572 namen de geuzen
negentien katholieke geestelijken gevangen. Deze werden kort daarna
in Brielle vermoord. De slachtoffers werden bekend als de
Martelaren van Gorcum. In 1675 verklaarde de paus
hen zalig en in 1867 werden ze opgenomen in het Romeinse
martyrologium, de lijst van heilige martelaren.
Tien dagen later, op 19 juli 1572 vond in de refter van het
Augustijnenklooster in Dordrecht - nu de Statenzaal in het Hof -
een geheime bijeenkomst plaats. Hieraan namen afgevaardigden van
twaalf Hollandse steden, de adel en de Watergeuzen deel. Ook Marnix
van St. Aldegonde, afgezant van Willem van Oranje, was erbij
aanwezig. Tijdens deze eerste 'vrije
Statenvergadering' werd de vrijheid van godsdienst
vastgelegd. Tevens werd Willem van Oranje als Stadhouder van
Holland en Zeeland erkend. Samen met de Unie van Utrecht uit 1579,
die de grondslag voor de Republiek vormde, geldt de eerste
Statenvergadering als het begin van de zelfstandige Nederlandse
staat.
Op 3 oktober 1574 bevrijdden de watergeuzen het door de
Spanjaarden belegerde en uitgehongerde Leiden. In de vroege ochtend
voeren ze over de Vliet de stad binnen met aan boord haring en
wittebrood. Leidens Ontzet wordt tot op de dag van
vandaag gevierd.
Een ander belangrijk moment tijdens de Opstand was de
moord op Willem van Oranje. Op 10 juli 1584 werd
hij gedood in de Prinsenhof in Delft, het voormalige
Sint-Agathaklooster. Zijn moordenaar heette Balthasar Gerards. De
plek waar de moord plaatsvond maakt nu deel uit van Museum Het
Prinsenhof. De kogelgaten van de aanslag zijn nog steeds zichtbaar
in de muur.
Andere canons:






































.jpg)




.jpg)





